Naar de inhoud

Het menselijk lichaam El cuerpo humano

Het lichaam is in het Spaans el cuerpo en lichaamsdelen zijn las partes del cuerpo. Op deze pagina leer je ze per groep: hoofd en gezicht, de romp, armen en handen, benen en voeten, plus wat er binnen in het lichaam zit. Daarna lees je waarom je in het Spaans me lavo las manos zegt en niet mis manos. Klik op een kaart om het woord te horen. Zet “Toon vertaling” uit als je jezelf wilt overhoren.

Lichaamsdelen in het Spaans: las partes del cuerpo

Het lichaam is in het Spaans el cuerpo en het menselijk lichaam el cuerpo humano. Een lichaamsdeel is una parte del cuerpo en de lichaamsdelen zijn las partes del cuerpo. Je huid, die alles bij elkaar houdt, is la piel.

Hieronder staan de lichaamsdelen per groep: eerst hoofd en gezicht, dan de romp, armen en handen, benen en voeten, tot slot wat er binnen in het lichaam zit. In elke groep staan de woorden die het meest gezocht worden vooraan, zoals la cabeza (het hoofd) en la rodilla (de knie). Leer elk woord met het lidwoord erbij: dat gebruik je in het Spaans ook als je het over je eigen lichaam hebt. Waarom, lees je verderop bij me lavo las manos.

Hoofd en gezicht in het Spaans: la cabeza y la cara

Het hoofd is la cabeza en het gezicht la cara. In je gezicht zitten los ojos (de ogen), la nariz (de neus) en la boca (de mond), met daarin la lengua (de tong) en los dientes (de tanden). Kiezen zijn las muelas.

El cuello is de hals en ook de nek. Bedoel je echt de achterkant van je nek, dan zeg je la nuca. De keel vanbinnen is la garganta. Voor het oor zijn er twee woorden: la oreja is het oor dat je ziet. El oído is het gehoor en het oor vanbinnen. Oorpijn is daarom dolor de oído. Het haar op je hoofd is el pelo; el cabello betekent hetzelfde, maar klinkt wat deftiger.

De romp in het Spaans: el hombro, la cadera y la espalda

De romp is el tronco. Een schouder is el hombro en met allebei je schouders erbij zeg je los hombros. Je schouders ophalen is encogerse de hombros. De heup is la cadera, de rug la espalda en de borst el pecho.

De buik is la barriga. In Spanje hoor je ook vaak la tripa en bij de dokter el abdomen. Het middel is la cintura, met in het midden el ombligo, de navel. De billen zijn las nalgas.

Armen en handen in het Spaans: el brazo y la mano

De arm is el brazo en de hand la mano. Let op: mano eindigt op een -o, maar is vrouwelijk. Je zegt dus la mano en las manos. Iemand een hand geven is dar la mano. Halverwege je arm zit el codo, de elleboog, en tussen arm en hand la muñeca, de pols. Muñeca betekent ook pop.

Een vinger is el dedo en de vingers zijn los dedos. De duim heet el pulgar en de middelvinger is el dedo corazón, letterlijk de hartvinger. Aan elke vinger zit een nagel: la uña. Maak je een vuist, dan is dat el puño.

Benen en voeten in het Spaans: la rodilla, la pierna y el pie

Knie is in het Spaans la rodilla en op je knieën zitten is estar de rodillas. De voet is el pie: één voet is el pie, twee voeten zijn los pies. Te voet ga je a pie. Het been is la pierna, de enkel el tobillo, de kuit la pantorrilla en de dij el muslo. Dat laatste woord zie je ook op de menukaart: muslo de pollo is een kippendij.

Voor teen heeft het Spaans geen eigen woord. Een teen is el dedo del pie en de tenen zijn los dedos de los pies. Zeg je alleen los dedos, dan denkt iedereen aan je vingers. De hiel is el talón.

Binnen in het lichaam: organen, botten en spieren in het Spaans

Binnen in het lichaam zitten los órganos, de organen. De lever is el hígado. De h spreek je niet uit, dus je zegt ongeveer ígado. De maag is el estómago, het hart el corazón en een long el pulmón. Omdat je er twee hebt, hoor je vaak het meervoud los pulmones. De hersenen zijn el cerebro en een nier is el riñón.

Het skelet, el esqueleto, bestaat uit botten: een bot is el hueso. Een spier is el músculo, met het accent op de eerste u. Door je aderen stroomt la sangre, het bloed. Meer woorden voor bij de dokter, zoals el hueso roto (een gebroken bot), vind je bij medische termen.

Me lavo las manos: het lidwoord in plaats van mijn

In het Nederlands zeg je ik was mijn handen. In het Spaans zeg je me lavo las manos, met het lidwoord las en niet met mis (mijn). Dat het om je eigen handen gaat, zie je al aan me. Zo werkt het bij bijna elk lichaamsdeel:

  • Me cepillo los dientes. Ik poets mijn tanden.
  • Me he roto el brazo. Ik heb mijn arm gebroken.
  • Tengo los ojos marrones. Ik heb bruine ogen.

Ook als iets pijn doet, gebruik je het lidwoord: me duele la cabeza, mijn hoofd doet pijn. Gaat het om meer dan één, dan wordt het me duelen: me duelen los pies. Meer over pijn en klachten lees je in het blog Bezoek aan huisarts en ziekenhuis. Hoe je zegt dat je ziek bent of iemand beterschap wenst, staat in de les gezondheid.

Het lidwoord is genoeg zolang uit de zin blijkt van wie het lichaamsdeel is: door me, te of se, of doordat jij het onderwerp bent, zoals bij tengo. Mi en mis gebruik je vooral als het lichaamsdeel zelf het onderwerp is: mis ojos son verdes, mijn ogen zijn groen. Toch hoor je ook dan vaker tengo los ojos verdes.

Oefening: het lidwoord of mijn?

Kies het woord dat in de zin past. Je ziet meteen of het klopt. Bij een fout krijg je nog een poging.

  1. 1. Me lavo   manos antes de comer.
  2. 2. Me duele   cabeza.
  3. 3. Me   los pies.
  4. 4. Levanta   mano si sabes la respuesta.
  5. 5. Tengo   ojos azules.
  6. 6. Mi hijo se ha roto   pierna jugando al fútbol.
  7. 7. Un pie, dos   .
  8. 8. Los niños se lavan   .

Test jezelf

Beantwoord de vragen. Je krijgt direct feedback.

Veelgestelde vragen over het menselijk lichaam in het Spaans

Hoe zeg je lichaamsdelen in het Spaans?

Lichaamsdelen zijn las partes del cuerpo. Het lichaam is el cuerpo en het menselijk lichaam el cuerpo humano.

Hoe zeg je knie in het Spaans?

Knie is la rodilla en knieën zijn las rodillas. Op je knieën zitten is estar de rodillas.

Hoe zeg je hoofd, gezicht en nek in het Spaans?

Het hoofd is la cabeza en het gezicht la cara. De hals en de nek zijn allebei el cuello; de achterkant van je nek is la nuca.

Hoe zeg je lever in het Spaans?

De lever is el hígado. De h spreek je niet uit. De maag is el estómago, het hart el corazón en de longen zijn los pulmones.

Is het el mano of la mano?

Het is la mano en in het meervoud las manos. Mano eindigt op -o, maar is toch vrouwelijk.

Waarom zeg je me lavo las manos en niet me lavo mis manos?

Bij lichaamsdelen gebruik je in het Spaans het lidwoord als al duidelijk is van wie het lichaamsdeel is. In me lavo las manos zegt me dat al. Zo zeg je ook me duele la cabeza en me cepillo los dientes.

Wat is het meervoud van pie en hoe zeg je teen?

Eén voet is el pie, twee voeten zijn los pies. Een teen is el dedo del pie, want het Spaans heeft geen eigen woord voor teen.

Hoe zeg je in het Spaans dat iets pijn doet?

Je zegt me duele met het lichaamsdeel erachter: me duele la rodilla, mijn knie doet pijn. Bij meer dan één wordt het me duelen: me duelen los pies. Meer zinnen voor bij de dokter vind je in het blog Bezoek aan huisarts en ziekenhuis.

Wil je verder na het menselijk lichaam?

In het gratis e-book vind je praktische tips en meer woorden en zinnen voor alledaagse gesprekken in het Spaans.

Download het gratis e-book
Leuk Spaans leren

Zelfstandig Spaans leren

Oefen Spaans met interactieve lessen, gesprekken en praktische oefeningen. Leer Spaans op een leuke en effectieve manier.

Begin vandaag →
Leuk Spaans leren is onderdeel van Espaans.

Meer hierover op het blog

Uitleg, achtergrond en extra oefeningen bij dit onderwerp.