Naar de inhoud

Het Spaanse alfabet El alfabeto castellano

Het Spaanse alfabet heeft 27 letters: de 26 letters die je uit het Nederlands kent en de ñ. Hieronder hoor je hoe je elke letter noemt en welke letters anders klinken dan in het Nederlands, zoals de j, de c en de z. Daarna leer je hoe je je naam en je e-mailadres spelt aan de telefoon. Klik op een kaart om hem te horen.

Het Spaanse alfabet met uitspraak

In het Spaans heeft elke letter een eigen naam: a, be, ce, de, e, efe, ge. Die namen zijn vrouwelijk, want je denkt er la letra bij: la a, la be, la eñe. Tussen haakjes staat hoe een naam ongeveer klinkt voor een Nederlander. De klinkers zijn kort en klinken altijd hetzelfde, waar ze ook staan: de i klinkt als ie en de u als oe. Klik op een letter om hem te horen.

Hoeveel letters heeft het Spaanse alfabet?

Het Spaanse alfabet heeft 27 letters: de 26 letters die je uit het Nederlands kent, plus de ñ. Vroeger stonden ook ch en ll in het rijtje, maar sinds 2010 tellen ze volgens de Real Academia Española niet meer als aparte letter. Het zijn digrafen: twee letters die samen één klank maken. Dat geldt ook voor de rr, die nooit een eigen letter was. De k en de w zie je bijna alleen in woorden uit andere talen, zoals kilo en wifi.

Uitspraak van het Spaanse alfabet: de j en de g

Bij de uitspraak van het Spaanse alfabet zijn een paar letters anders dan je gewend bent. De j klinkt als onze g, achter in je keel, maar iets krachtiger: jamón, joven. Voor een e of een i klinkt de g precies zo: gente, gimnasio. Voor a, o en u klinkt de g zoals in het Engelse go: gato. Wil je die klank voor een e of een i, dan schrijf je er een u tussen die je niet uitspreekt: guitarra. Meer voorbeelden en de regels voor de klemtoon vind je in de les uitspraak in het Spaans.

De c en de z: de Spaanse th

Voor een e of een i klinkt de c in het grootste deel van Spanje als de Engelse th in think: cerveza, cinco. De z klinkt altijd zo: zapato, azul. Voor a, o en u is de c gewoon een k: casa. Een k voor een e of een i schrijf je als qu en die u zeg je niet: queso klinkt als keso.

De ñ, de ll en de y

De ñ (eñe) klinkt als nj, zoals in Spanje: España, mañana. Het golfje maakt echt verschil. Una caña is een biertje van de tap, una cana een grijze haar. De ll en de y klinken in bijna heel Spanje hetzelfde, ongeveer als onze j: calle klinkt als kaje en yo als jo. Aan het eind van een woord of als los woordje y (en) klinkt de y als i: hoy, muy.

De h zeg je niet; de b en de v klinken hetzelfde

De h is stom: je schrijft hem wel, maar je zegt hem niet. Hola klinkt als ola en hotel als otel. Alleen in de ch hoor je iets: dat is de tsj van chocolate. De b en de v klinken in het Spaans precies hetzelfde, als een b. Tussen twee klinkers wordt die b wat zachter, je lippen raken elkaar dan bijna niet. Vino klinkt dus als bino. Daarom vragen Spanjaarden elkaar zelf vaak: ¿con be o con uve?

De r en de rr: tikken en rollen

Een enkele r tussen twee klinkers tik je één keer met het puntje van je tong: pero (maar), caro (duur). De rr rol je een paar keer: perro (hond), carro (kar). Aan het begin van een woord rol je ook een enkele r: rojo. Let goed op het verschil, want pero en perro betekenen echt iets anders.

Spaanse leestekens: ¿, ¡ en de tilde

Een vraag begint in het Spaans met een omgekeerd vraagteken en een uitroep met een omgekeerd uitroepteken: ¿Cómo estás? en ¡Qué bien! Zo weet je al bij het eerste woord hoe je de zin moet lezen. Het streepje op een klinker heet tilde of acento. Het laat zien waar de klemtoon ligt, zoals in canción en teléfono. Soms maakt het het verschil tussen twee woorden: sí is ja, si is als. Ook het golfje op de ñ heet tilde. De twee puntjes op de ü zie je alleen in güe en güi: dan spreek je de u wel uit, zoals in pingüino.

Spellen in het Spaans: ¿cómo se escribe?

Aan de telefoon, in een hotel of bij de dokter moet je vaak je naam spellen. Je hoort dan ¿cómo se escribe? (hoe schrijf je dat?) of ¿quiere deletrearlo? (wilt u het spellen?). Je antwoordt met de namen van de letters: Jansen is jota, a, ene, ese, e, ene. Gaat het om één letter, dan zeg je se escribe con en de letter: se escribe con hache, met een h. Meer zinnen voor een gesprek aan de telefoon vind je in de les aan de telefoon.

Je e-mailadres spellen: arroba, punto en guion

Ook tekens hebben een Spaanse naam. Het streepje (-) heet guion, het apenstaartje (@) arroba, de punt punto en het liggende streepje (_) guion bajo. Het adres [email protected] lees je dus voor als ana punto lopez arroba ejemplo punto es. Zeg er voor de zekerheid bij: todo junto y en minúsculas, alles aan elkaar en met kleine letters.

Veelgestelde vragen over het Spaanse alfabet

Hoeveel letters heeft het Spaanse alfabet?

27: de 26 letters van het Nederlandse alfabet en de ñ. De ch en de ll telden vroeger ook mee, maar sinds 2010 zijn het geen aparte letters meer.

Hoe spreek je de letters van het Spaanse alfabet uit?

Elke letter heeft een eigen naam: a, be, ce, de, e, efe, ge, hache, i, jota, ka, ele, eme, ene, eñe, o, pe, cu, erre, ese, te, u, uve, uve doble, equis, ye en zeta. Voor de y hoor je ook i griega.

Hoe spreek je de ñ uit?

Als nj, zoals in het Nederlandse woord Spanje. España klinkt dus als espanja en mañana als manjana. De letter zelf heet eñe.

Hoe spreek je de j uit in het Spaans?

Als onze g, achter in je keel, maar iets krachtiger: jamón, joven. De g voor een e of een i klinkt precies zo, zoals in gente.

Klinken de b en de v in het Spaans hetzelfde?

Ja. Allebei klinken ze als een b, dus vino klinkt als bino. Daarom vraagt een Spanjaard bij het spellen vaak ¿con be o con uve?

Waarom begint een Spaanse vraag met een omgekeerd vraagteken?

Zo zie je meteen aan het begin dat er een vraag komt en lees je de zin met de goede toon: ¿Cómo estás? Een uitroep begint op dezelfde manier met ¡: ¡Qué bien!

Hoe heet het teken op de ñ?

Het golfje op de ñ heet tilde. Zo heet ook het accent op een klinker, zoals in canción. Zoek je in een puzzel een Spaans letterteken van vijf letters, dan is het dus waarschijnlijk tilde.

Hoe spel je je naam in het Spaans?

Met de namen van de letters. Vraagt iemand ¿cómo se escribe?, dan spel je Jansen als jota, a, ene, ese, e, ene. Voor één letter zeg je se escribe con, bijvoorbeeld se escribe con uve, met een v.

Wil je verder na het alfabet?

In het gratis e-book vind je praktische tips en meer woorden en zinnen voor alledaagse gesprekken in het Spaans.

Download het gratis e-book
Leuk Spaans leren

Zelfstandig Spaans leren

Oefen Spaans met interactieve lessen, gesprekken en praktische oefeningen. Leer Spaans op een leuke en effectieve manier.

Begin vandaag →
Leuk Spaans leren is onderdeel van Espaans.