Naar de inhoud

In de keuken En la cocina

Mes en vork is in het Spaans el cuchillo y el tenedor. Op deze pagina leer je eerst het bestek, het servies en de glazen. Daarna komen de keukenapparaten, de pannen en wat er in de keukenkast staat. Je leert ook koken in het Spaans met een eenvoudig recept in stapjes. Tot slot lees je wat je aan tafel zegt. Klik op een kaart om het woord te horen. Zet het vinkje “Toon vertaling” uit als je jezelf wilt overhoren.

Mes, vork en lepel in het Spaans

Mes en vork is in het Spaans el cuchillo y el tenedor. Mes, vork en lepel zijn el cuchillo, el tenedor y la cuchara. Samen heten ze los cubiertos, het bestek. Een theelepeltje is la cucharilla en met el cucharón schep je de soep op. Let bij het uitspreken op de klemtoon: cuchillo, tenedor en cuchara. De ll in cuchillo klinkt in Spanje meestal als de j in "jas".

Borden, kopjes en glazen

Het servies is la vajilla. Voor soep gebruik je el plato hondo, het diepe bord, en voor de hoofdmaaltijd el plato llano, het platte bord. Een glas is el vaso, maar een glas met een voet, zoals een wijnglas, is la copa. Daarom bestel je in een bar una copa de vino. Onder een kopje (la taza) staat el platillo, het schoteltje.

Keukenapparaten: koelkast, oven en magnetron

Een koelkast is in Spanje el frigorífico. In de spreektaal hoor je ook vaak la nevera. Het woord la cocina betekent zowel de keuken als het fornuis. De kookplaat is la placa, de oven el horno en de magnetron el horno microondas, of korter el microondas. Water kook je in el hervidor de agua, de waterkoker, of op het vuur in la tetera con silbato, de fluitketel.

Pannen en ander keukengerei

Een koekenpan is la sartén. Het woord is vrouwelijk, al eindigt het niet op -a. Een kookpan is la cacerola, een grote soeppan la olla en een steelpannetje el cazo. Op de pan gaat la tapa, het deksel. Dat is hetzelfde woord als voor het hapje bij je drankje. Het aanrecht is la encimera en wat je niet gebruikt, berg je op in el cajón (de la) of in el armario (de kast).

Afwassen, schoonmaken en strijken

Afwassen is in Spanje fregar los platos. Dat doe je aan el fregadero, de gootsteen, met el estropajo, het schuursponsje. Let op: el lavavajillas is de afwasmachine, maar ook het afwasmiddel. Een emmer is el cubo en de vuilnisbak el cubo de basura. De vloer dweil je in Spanje met la fregona, een zwabber die je in de emmer uitknijpt. Strijken is planchar: dat doe je met la plancha, het strijkijzer, op la tabla de planchar.

In de keukenkast: olie, zout en kruiden

In Spanje kook je bijna alles met olijfolie, el aceite de oliva. Zout en peper zijn la sal y la pimienta. Let op het verschil: la pimienta is peper, maar el pimiento is paprika. Room is la nata en kookroom vind je in de supermarkt als nata para cocinar. Las especias zijn eigenlijk specerijen; verse kruiden zoals peterselie heten las hierbas.

Koken in het Spaans: cortar, freír en hervir

Koken is cocinar. Hoe je dat werkwoord vervoegt, zie je op de pagina cocinar. Voor koken en bakken heeft het Spaans meer woorden dan het Nederlands. Hervir zeg je van water of melk die kookt; cocer is iets gaar koken in water, zoals pasta of aardappelen. Bakken in olie is freír en bakken in de oven hornear. Asar is roosteren of braden, in de oven of op de grill. En staat er op de kaart a la plancha, dan is het gebakken op een hete plaat met een beetje olie.

Een eenvoudig recept: pan con tomate

In een recept staan de werkwoorden in de gebiedende wijs, zoals corta (snijd), añade (voeg toe) en mezcla (meng). Probeer het eens met pan con tomate: geroosterd brood met tomaat en olijfolie, dat veel Spanjaarden bij het ontbijt eten. Hieronder wrijf je de tomaat over het brood, zoals in Catalonië. In het zuiden rasp je hem vaak eerst (rallar). Heb je zin in iets groters? Maak dan de Spaanse tortilla, met het hele recept in het Spaans.

Aan tafel: ¿me pasas la sal?

Is het eten klaar, dan roep je ¡a comer! Eerst dek je de tafel: poner la mesa. Iets laten aangeven doe je met ¿me pasas…?, bijvoorbeeld ¿me pasas la sal? Spreek je iemand met u aan, dan zeg je ¿me pasa la sal? Voor je begint, wens je elkaar ¡que aproveche!, eet smakelijk. Het antwoord is gracias of igualmente. Wat je in een restaurant zegt, leer je in de les in een restaurant.

Test jezelf

Beantwoord de vragen. Je krijgt direct feedback.

Veelgestelde vragen over de keuken in het Spaans

Wat is mes en vork in het Spaans?

Mes en vork is el cuchillo y el tenedor. Mes, vork en lepel zijn el cuchillo, el tenedor y la cuchara. Het bestek als geheel heet los cubiertos. Eet je met mes en vork, dan zeg je comer con cuchillo y tenedor, zonder lidwoord.

Wat is vork in het Spaans?

Een vork is el tenedor, met de klemtoon op de laatste lettergreep. In het meervoud wordt het los tenedores. Restaurants in Spanje worden van oudsher ingedeeld met één tot vijf vorken, zoals hotels met sterren. Bij de ingang hangt dan een bordje met vorken.

Wat is lepel in het Spaans?

Een lepel is la cuchara en een theelepeltje la cucharilla. In recepten zie je ook de maten: una cucharada is een eetlepel en una cucharadita een theelepel, bijvoorbeeld una cucharadita de sal. Een opscheplepel is el cucharón.

Wat is keuken in het Spaans?

De keuken is la cocina. Hetzelfde woord betekent ook het fornuis en de manier van koken: la cocina española is de Spaanse keuken. Koken is cocinar. Over het eten en de eetgewoonten in Spanje lees je meer in het blog over de Spaanse keuken.

Wat is koelkast in het Spaans?

In Spanje is een koelkast el frigorífico, vaak ingekort tot el frigo. In de spreektaal hoor je ook la nevera. In Latijns-Amerika zeggen ze onder andere el refrigerador of la heladera. Een vriezer is el congelador.

Wat is strijkijzer in het Spaans?

Een strijkijzer is la plancha en strijken is planchar. In de keuken kom je hetzelfde woord tegen: a la plancha betekent gebakken op een hete plaat, zoals gambas a la plancha. De strijkplank is la tabla de planchar.

Hoe zeg je eet smakelijk in het Spaans?

In Spanje zeg je ¡que aproveche!, ook tegen mensen die je niet kent, bijvoorbeeld als je in een restaurant langs een tafel loopt. ¡Buen provecho! betekent hetzelfde en hoor je vooral in Latijns-Amerika. Het antwoord is gracias of igualmente, van hetzelfde.

Wat betekent sobremesa?

La sobremesa is het natafelen: de tijd na het eten waarin je nog aan tafel blijft zitten om te praten. In Spanje hoort die er gewoon bij, zeker bij een lange lunch in het weekend. Estar de sobremesa betekent dat je zo na zit te praten.

Wil je meer Spaans voor thuis en aan tafel?

In het gratis e-book vind je praktische tips en meer woorden en zinnen voor alledaagse gesprekken in het Spaans.

Download het gratis e-book
Leuk Spaans leren

Zelfstandig Spaans leren

Oefen Spaans met interactieve lessen, gesprekken en praktische oefeningen. Leer Spaans op een leuke en effectieve manier.

Begin vandaag →
Leuk Spaans leren is onderdeel van Espaans.

Meer hierover op het blog

Uitleg, achtergrond en extra oefeningen bij dit onderwerp.