In het Spaans zijn er twee vertalingen voor het woord ‘zijn’. Ze betekenen allebei gewoon ‘zijn’, maar ze worden in verschillende situaties gebruikt. Het is soms lastig ze uit elkaar te houden, en te weten wanneer je ze toe moet passen. Hopelijk helpt deze uitleg hier een beetje bij.

  • Ser: zijn + een eigenschap (langdurig, altijd geldend) of hoedanigheid
  • Estar: zijn + een toestand (tijdelijk, op een bepaald moment geldend); zich bevinden

Het gebruik van het werkwoord ser

Yo soy
Tú eres
Él/ella es
Nosotros somos
Vosotros sois
Ellos/ellas son

Het werkwoord ser komt van het Latijnse werkwoord “essere” dat “scène” betekent. Daarom wordt ser gebruikt om een essentiële eigenschap uit te drukken. Ser wordt gebruikt voor situaties die permanent of langdurig zijn. Bij een langdurige situatie kun je denken aan bijvoorbeeld een nationaliteit, of dat je student bent. Dit zijn situaties die kunnen veranderen, maar over het algemeen wel langdurig zijn. Permanent zijn: eigenschappen van een voorwerp of persoon, beroep, nationaliteit.

Voorbeelden

Eigenschappen

  • Soy inteligente – Ik ben intelligent
  • Eres simpático – Jij bent sympathiek
  • Mis padres son tolerantes – Mijn ouders zijn tolerant
  • Helena es bonita – Helena is mooi
  • Ustedes son buenos – Jullie zijn goed
  • Juan es generoso – Juan is royaal

Beroep

  • Soy médico – Ik ben arts
  • María es estudiante – María is studente
  • Pedro es carpintero – Pedro is timmerman

Nationaliteit

  • Ana es mexicana – Ana is Mexicaanse
  • José es argentino – José is Argentijn
  • Jan es holandés – Jan is Nederlander

Concrete situaties waar ser wordt gebruikt

  • Oorsprong – Las naranjas son de Valencia
  • Doel – La tarea es para mañana
  • Tijdstip – Son las tres de la tarde
  • Onpersoonlijk gebruik – Es posible que lleguen más tarde
  • Kenmerk – Este cañón es muy profundo
  • Sociale gebeurtenis – La fiesta es en casa de Sara

Bekijk op deze pagina nog meer voorbeelden van het gebruik van de werkwoorden ser, estar (en hay).

Ser y estar

Het gebruik van het werkwoord estar

Yo estoy
Tú estás
Él/ella está
Nosotros estamos
Vosotros estáis
Ellos/ellas están

Het werkwoord estar komt van het Latijnse werkwoord “stare” en drukt een staat uit. Daarom wordt estar gebruikt om een tijdelijk situatie of conditie aan te duiden. “Estar” wordt gebruikt bij veranderlijke situaties. Een situatie verandert wanneer deze betrekking heeft op gevoelens of eenmalige acties of situaties.

Gevoelens

  • Estoy harto – Ik ben het beu
  • Estoy furioso – Ik ben razend
  • Julio está enamorado de Silvia – Julio is verliefd op Silvia

Niemand kan “eeuwig” razend zijn. Verliefd op iemand zijn, is iets dat in principe kan veranderen. Dit in verband met gevoelens van de mens die veranderlijk van aard zijn.

Eenmalige situaties

  • Estás muy bonita hoy, Mariela – Vandaag zie jij er mooi uit, Mariela
  • Estás muy crítica, mamá – Wat ben jij nou kritisch, mama

Concrete situaties waar estar gebruikt wordt

  • Gezondheid – Estoy bien de salud
  • Toestand – Estoy cansado
  • Ligging – Los archivos están ahí
  • Tegenstrijdigheid – El chocolate está amargo
  • Nadruk – El postre está delicioso

Het is in het begin lastig om dit toe te passen. Iedere keer als je ‘ik ben’ (Juan, ziek, vrij vandaag, enz) wilt zeggen moet je je bedenken met welke vorm je dat doet. Ook als je de vervoegingen volledig uit je hoofd kent is het nog moeilijk. De vervoegingen hierboven zijn in de Presente (Tegenwoordige Tijd). Om de werkwoorden ser en estar goed te beheersen is het eerst belangrijk te leren wanneer je ze toepast. Daarna is het pas tijd voor de subjuntivo, de (im)perfecto, etc.

Vul de correcte vorm in van de werkwoorden ser of estar

  1. Yo __________ holandés.
  2. Tú __________ Pedro.
  3. Yo no __________ cansado.
  4. Ella __________ abogada.
  5. Juan y Pedro __________ simpáticos.
  6. Mi abuela __________ italiana.
  7. Nosotros __________ hartos de todo.
  8. Mi vecina __________ pediatra.
  9. Nunca __________ tarde para estudiar.
  10. Los estudiantes de derecho __________ contentos.

Antwoorden:

  1. soy
  2. eres
  3. estoy
  4. es
  5. son
  6. es
  7. estamos
  8. es
  9. es
  10. están

Bekijk op deze pagina nog meer voorbeelden van het gebruik van de werkwoorden ser, estar (en hay).

Mocht je interesse hebben in een professionele cursus met privébegeleiding van een leraar in Spanje klik dan hier voor meer informatie.

Online cursussen Spaans

facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedinmailfacebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedinmail

Cursus Spaans voor volwassenen

  • Cursus voor 12 weken;
  • 12 online privélessen met gekwalificeerde leraar Spaans;
  • Inclusief toegang tot professionele online campus;
  • Starten op ieder gewenst moment!

Nu € 349,- in plaats van € 375,-

  Ja, ik wil deze cursus boeken! Meer informatie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.